|

19-10-2011 Tekst en foto's: Wim Kamerbeek
We raakten zomaar met fiscaal jurist Niek de Kreek aan de praat over auto’s. Dat gebeurt wel vaker als je redacteur bent bij AutoGids en een paar keer per maand in een andere splinternieuwe auto komt voorrijden bij de voetbalclub. Niek vertelde dat hij thuis nog wat oude Alfa Romeo’s had staan. Dat wilden we wel eens zien. Blijkt de man een soort museum te hebben gebouwd voor zichzelf, zijn gezin en zijn race-vriendjes. En nu, op zaterdagmiddag even, voor ons en voor onze lezers.

Een mooie oude boerenschuur aan een rommelig dijkje onder de rook van Rotterdam. Niek trekt de bruingeschilderde deur open en in plaats van spinnenwebben en roestige trekkers zien we twee glimmende race-Alfa’s. De witte is een 1600 Squadra Bianca uit 1968 en de rode is een 2000 GTV uit 1972. Beide auto’s zijn volledig omgebouwd om te racen volgens alle veiligheidsvoorschriften. Van 1993 tot 2006 raceten Niek en zijn partner Renée Aarts met deze auto’s in de Alfa Romeo Challenge op circuits in heel Europa. “Ik zou het niet in mijn hoofd halen om met een dure Porsche te gaan racen, maar met deze Alfa’s kun je met een beperkt budget en tien à twintig uur werk per week heel veel plezier hebben,” vertelt Niek. De wanden van de schuur zijn behangen met allerhande race-souvenirs: vlaggen, foto’s, schildjes, posters. Op de vliering staan schaalmodellen, bekers, ouwe sturen, kasten vol naslagwerken. Alles is smetteloos schoon. “Er zijn in Nederland zo’n dertig mensen die onze beleving delen, en die komen hier zo nu en dan een kop koffie drinken.” Op de benedendijkse etage is nog een ruimte en daar staat een 1750 GTV uit 1971. “Die heeft mijn vriendin op het circuit van Assen een bandenstapel ingereden. Dat won de bandenstapel,” vertelt Niek droog. De Alfa kwam een stukje korter uit de strijd en heeft dringend een nieuwe voorpartij nodig.


Benedendijks zien we een Mercedes-Benz 280 Pagode uit 1968 bumper aan bumper met een Land Rover uit 1968. De Land Rover is de redding voorbij, maar Niek rijdt per jaar nog zo’n 2- à 3.000 kilometer met de Benz. “Als iemand vraagt wat ik deed op de dag van de Heineken-ontvoering, weet ik het nog precies, want toen kocht ik die Mercedes van de ouders van een schoolvriend.”
Daarmee zijn we er niet, want in de tuin staat nog een schuur, die doet denken aan de behuizing van een Zwitserse koekoeksklok met daarin een schitterende Alfa 1300 GT Junior uit 1974.
Niek en Renée hopen – nu de kinderen wat groter zijn – het racen met de Alfa’s weer op te pakken. “Maar alleen in Nederland. Doordeweeks beetje sleutelen en dan in het weekend lekker rondjes rijden,” vertelt hij met pretlichtjes in zijn ogen.
En dan gaat het museum weer op slot, om alleen nog maar zijn deuren te openen voor racevrienden. Konden we toch mooi even rondkijken.


|